Protest spandoek bij Handelspoort 1, 2025
Omroep ZVLHet college van de gemeente Terneuzen legt de vergunningaanvraag van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) voor een regionale opvanglocatie (ROL) aan de Handelspoort 1 opnieuw voor aan de gemeenteraad. Hoewel het plan na een eerdere weigering eind 2025 is aangepast, roept de herstart direct vragen op bij PVV Terneuzen.
Eind 2025 werd een vergelijkbare aanvraag voor het voormalige Neckermann-gebouw nog geweigerd nadat de gemeenteraad een negatief advies afgaf. Die hele kwestie leidde destijds zelfs tot het opstappen van toenmalig burgemeester Erik van Merrienboer, die aangaf het vertrouwen te zijn verloren, zoals eerder te lezen was in het artikel over het opstappen van de burgemeester vanwege de kwestie rond het azc.
Aangepaste aanvraag en planning
Inmiddels heeft het COA wijzigingen doorgevoerd, met name op het gebied van sociale veiligheid. Volgens de gemeente Terneuzen blijkt uit de ruimtelijke motivatie en onderzoeken dat er sprake is en blijft van een gezonde en veilige leefomgeving op deze locatie.
Omdat de vorige poging strandde, moet het college het plan nu opnieuw door de molen halen. Naar verwachting buigt de commissie Bestuur en Middelen zich op 24 september voor het eerst over de nieuwe aanvraag, waarna de gemeenteraad op 8 oktober een definitief besluit moet nemen. Of dat vlekkeloos verloopt is nog maar de vraag, aangezien het beslismoment de vorige keer ook herhaaldelijk werd uitgesteld.
Kritische vragen PVV
Raadslid Peter van Valderen van de PVV heeft namens zijn fractie een reeks indringende schriftelijke vragen ingediend. Nadat het college na de eerdere weigering advies aanvroeg bij Hekkelman Advocaten, wil de partij het naadje van de kous weten over de opdrachtverstrekking, de gevoerde gesprekken en eventuele conceptadviezen.
Daarnaast zet Van Valderen vraagtekens bij de manier waarop de veiligheid nu wordt geborgd. Hij hekelt het feit dat het plan zwaar leunt op een achteraf opgesteld beheer- en maatregelenplan, in plaats van een onafhankelijke, kwantitatieve veiligheidsrisicoanalyse vooraf.
Ook wil de oppositiepartij helderheid over de procedure zelf: waarom worden de recente wijzigingen niet gezien als een dusdanige verandering dat het plan opnieuw als ontwerpbesluit ter inzage had moeten liggen, en zijn er wel serieus alternatieve locaties overwogen die minder impact hebben op de fysieke leefomgeving?
Het college van B&W zal de vragen van de PVV de komende tijd moeten beantwoorden, in principe hebben ze daar zes weken de tijd voor.