De artsen spelen een scenario na om te oefenen
©Omroep ZeelandZorgpersoneel kan voortaan de training reanimeren bij kinderen volgen bij ZorgSaam in Terneuzen. Dat meldt Omroep Zeeland. Daarvoor heeft de Nederlandse Reanimatieraad (NRR) toestemming gegeven. Dat is bijzonder, want ZorgSaam is pas de vierde instelling in Nederland die dit mag. Betrokken medewerkers zijn dan ook trots. Ambulanceverpleegkundige Gertjan Van Raemdonck: "Zeker voor de regio is het echt een heel grote meerwaarde."
De belangrijkste redenen voor deze training? Een kinderreanimatie komt maar weinig voor. "Bij ZorgSaam één keer in de anderhalf tot twee jaar", zegt Francis de Smet, leidinggevende op de intensive care (ic). "Dus dat is echt heel weinig en gelukkig maar. Dat betekent echter dat we daar heel weinig praktijkervaring in hebben." Daarnaast is Zeeuws-Vlaanderen een vrij uitgestrekte regio. Grotere ziekenhuizen zijn ver weg. "We zijn dus vaak op onszelf aangewezen", zegt ambulanceverpleegkundige Gertjan Van Raemdonck.
Samen oefenen is dus essentieel om toch die praktijkervaring op te doen. Deze middag staan kinderarts Delphine Ivens, SEH-arts Anita Speetgens, kinderverpleegkundige Jorinde Louws en ambulanceverpleegkundige Van Raemdonck rond het bed van kinderpop 'Hannah'. Hannah is acht jaar oud en kortademig. Haar moeder heeft haar naar de spoed gebracht.
Ook oefenen om reanimatie te voorkomen
Rustig gaan de artsen met het scenario aan de slag. Van Raemdonck neemt de leiding. Hij geeft zijn collega's opdrachten, luistert naar hun bevindingen en probeert zo een beeld te schetsen. Hannah wordt onderzocht, aan het zuurstof gelegd en krijgt medicatie toegediend. Gereanimeerd wordt er in dit scenario niet.
"Omdat we zo realistisch mogelijk proberen te trainen", zegt De Smet daarover na afloop van het scenario. In de praktijk proberen zorgmedewerkers reanimaties bij kinderen zoveel mogelijk te voorkomen. "Want een kind dat gereanimeerd moet worden, heeft helaas heel weinig kansen." Van Raemdonck voegt daaraan toe: "Reanimatie is eigenlijk het slechtste scenario waarin we terecht kunnen komen. De bedoeling is dat we het kind vooraf gaan stabiliseren, dat we zorgen dat het kind niet afglijdt naar een reanimatiesetting."
"Dat lukt gelukkig ook wel in de meeste situaties", zegt De Smet. Ook 'Hannah' hoeft niet gereanimeerd te worden. Ze kan stabiel naar het universitair ziekenhuis in Gent worden vervoerd.
ZorgSaam geeft de trainingen zo'n twee keer per jaar in de brandweerkazerne in Hulst. De training is vooral bedoeld voor kinderverpleegkundigen, kinderartsen, spoedeisende hulpverpleegkundigen, de ziekenhuisartsen, ambulancepersoneel en het personeel van de intensive care. Ook zorgmedewerkers van andere instanties kunnen zich aanmelden.
Tijdens de tweedaagse trainingen oefenen de zorgmedewerkers zo'n tien tot twaalf scenario's. De Smet: "Zowel in de rol van teamleider als teamlid. En in het team ga je ook verschillende rollen spelen." Zo leren de medewerkers goed samenwerken en doen ze veel ervaring op.
Reanimeren van kinderen is anders dan bij volwassenen
Natuurlijk wordt het échte reanimeren ook geoefend tijdens de tweedaagse training. Dat gaat bij kinderen anders dan bij volwassenen. "Een kind is geen kleine volwassene", zegt kinderverpleegkundige Jorinde Louws ferm. Ambulanceverpleegkundige Van Raemdonck valt haar bij: "Bij kinderen moet je meer rekenen. Alle medicatie is in functie van het lichaamsgewicht, dus we moeten continu denken: 'Hoeveel weegt het kind?'"
Hij is blij dat hij het met zijn collega's kan oefenen. "Omdat het zo weinig voorkomt, hebben we er ook heel weinig routine in. Dat kunnen we compenseren door adequaat te trainen. En dan heeft dit soort cursussen echt wel een heel sterke meerwaarde."
Dit is een artikel in samenwerking met Omroep Zeeland.