Met ronkende motoren en glimmend chroom trok een bont gezelschap van 65 historische voertuigen door het landschap tijdens de 23e editie van de Belfort Oldtimerrit. Het evenement bewees opnieuw zijn blijvende aantrekkingskracht: van een krasse Ford Model A uit 1930 als nestor van de vloot tot een groeiend aantal buitenlandse equipes aan het vertrek.
Hoewel de tocht inmiddels een gevestigde waarde is, blijft de aanloop voor organisator Hans Mesuere elk jaar weer nagelbijten. Vragen over de weersvoorspellingen en de uiteindelijke opkomst zorgen steevast voor gezonde spanning. De uitkomst stelde allerminst teleur: met 65 equipes zat de sfeer er goed in. Opvallend is dat de rit steeds minder gebonden is aan de eigen regio. Chauffeurs reizen inmiddels niet alleen af vanuit heel Nederland en België, maar ook liefhebbers uit Duitsland en Luxemburg weten de route inmiddels te vinden.
Zorgeloos sturen dankzij escorte en bezemwagen
Wat de Belfortrit onderscheidt van veel vergelijkbare toertochten, is het hoge serviceniveau onderweg. Waar pech bij klassiekers altijd op de loer ligt, rijdt er standaard een depannagewagen mee om gestrande deelnemers direct weer op weg te helpen — een zeldzame luxe in het oldtimercircuit. Bovendien staat de technische assistentie ook paraat tijdens de pauzes.
Bovendien zorgt de Motorbrigade Zeeuws-Vlaanderen voor een vlotte en veilige doortocht. De Belgische deelnemer Hugo, gewend aan het traditionele navigeren met een 'bolletje-pijltje'-routeboek, ervaarde het als een verademing: doordat de motorrijders de weg wijzen, hoeft de blik niet voortdurend op het papier gericht te zijn en blijft er volop ruimte om van het rijden en het landschap te genieten. Organisator Ard van Iwaarden verwoordt het treffend: aan het recept van "gewoon een mooie rit" hoeft weinig te veranderen.