Kleine kerncentrales zouden een oplossing kunnen zijn voor tekorten op het Zeeuwse stroomnet. Dat schrijft Omroep Zeeland. Wel is de vraag: wie gaat daarvoor betalen? Volgens een rapport dat in opdracht van de provincie is gemaakt zou de provincie daar zelf de eerste stap in moeten zetten.
Gedeputeerde Jo-Annes de Bat is positief gestemd over de komst van zo'n kleine kerncentrale. "Iedereen ziet dat meer stroom nodig is. We werken al met zonnepanelen, kleine windmolens en de mogelijke komst van een nieuwe, grote kerncentrale. De kleine kerncentrales, of SMR's, zijn inpasbaar op plekken waar weinig ruimte is en kunnen dus een belangrijke rol spelen in die mix."
Niet 'van de plank'
Een SMR (small modular reactor) neemt ongeveer twee voetbalvelden in beslag. "Maar met die ruimte kan ongeveer evenveel stroom worden opgewekt als nu in Borssele", zegt De Bat. "De ontwikkelingen gaan de laatste jaren snel, maar er is wel nog een probleem. Grote kerncentrales kun je zo 'van de plank' kopen. Daar zijn bedrijven echt in gespecialiseerd. Maar bij de SMR's is dat nog niet zo eenvoudig. De grootste vraag is: wie moet de eerste stap zetten bij de investering? Dat hebben we nu uitgezocht."
In het rapport staat dat die taak bij de provincie moet liggen. De Bat: "De overheid creëert het kader, de bedrijven kunnen dan inspringen. Er is interesse vanuit de Zeeuwse industrie, maar het zijn grote projecten waar veel geld mee gemoeid is."
Voorwaardenpakket
Dat er net als bij de discussie over de komst van kerncentrales in Borssele of Terneuzen ook hiervoor nieuwe voorwaardenpakketten worden gepresenteerd, verwacht De Bat niet. "Er zijn vergelijkbare vraagstukken, maar ook veel verschillen. De ruimte die een SMR inneemt is zoveel kleiner."
Dit is een artikel in samenwerking met Omroep Zeeland
Door: Rens Schuit

