Heb je je ingrediënten al in huis gehaald, of haal je ze kant&klaar? Op oudejaarsdag worden overal in ons land veel oliebollen gebakken - en opgepeuzeld natuurlijk. Maar wat doe je met het vet waarin je ze hebt gebakken? Waterschap Scheldestromen zet het allemaal nog eens voor je op een rijtje. "Gooi het vet in ieder geval niet in de gootsteen en spoel het ook niet door de WC." Frituurvet en olie zijn namelijk waardevolle grondstoffen die goed gerecycled kunnen worden als ze apart worden ingezameld.
"Bij vier op de tien Nederlanders verdwijnt het frituurvet in het riool. Dat zorgt voor veel verstoppingen in leidingen en bij rioolwaterzuiveringen." - Unie van Waterschappen
Wat dan wel? Er zijn voor olie en vet speciale inleverpunten, ook in jouw buurt. Giet je gebruikte vet terug in de fles of in bijvoorbeeld een oud melkpak en lever het in in de gele container, die op maarliefst 2500 plaatsen in Nederland verspreid staan. Vaak kun je ze bij supermarkten vinden. Via deze link vind je een inzamelcontainer bij jou in de buurt.
Een andere optie: deponeer je gebruikte vet in een aparte inzamelcontainer bij de milieustraat.
Lukt dat allemaal echt niet? Dan kun je ervoor kiezen om de fles met gebruikte olie, goed afgesloten, bij je restafval te doen in je grijze container. In dat laatste geval wordt je vet niet hergebruikt, wat dus minder goed is voor het milieu.
Zodra het ingezamelde frituurvet en olie bij de verwerker zijn aangekomen, begint het verwerkingsproces. De ingezamelde afvalstoffen worden eerst opgeslagen in grote tanks. Door deze te verwarmen, gaan de verschillende stoffen zich van elkaar scheiden en vormen zich drijflagen. Vast vet drijft namelijk op de olie en de zwaardere restproducten zakken naar de bodem van de tank. De verschillende lagen worden vervolgens één voor één afgezogen en apart verwerkt. Het grootste deel bestaat uit frituurolie, dat wordt verwerkt tot biodiesel. De overige delen worden verwerkt tot andere producten, zoals bijvoorbeeld cosmetica of smeermiddel.
Bron: www.milieuservicenederland.nl
Door: Tineke Kerste

