Maar liefst negentien alpaca’s lopen er op de boerderij bij Martin Meertens en die houdt hij niet alleen voor zichzelf: “Het is heel leuk om mensen bezig te zien met alpaca’s.” En dus organiseert hij meet & greets en wandelingen met de dieren: “Iedereen komt van de wandeling helemaal relaxed terug, omdat het gewoon echt rustgevend is.” Daarnaast strooit hij graag met feitjes: “Een alpaca is minimaal een kudde van drie. Eentje gaat gewoon dood van eenzaamheid en twee worden chagrijnig van elkaar, dus vanaf drie is het pas een leuke kudde.”
Meertens kwam eigenlijk per ongeluk in aanraking met alpaca’s: “Ik zat op de praktijkschool in Barneveld om erkend hondenfokker te worden. Er zijn daar niet alleen honden en katten die je moet leren ‘handelen’, maar er staan ook andere beesten. Eén van de beestjes op het schoolplein was een alpaca en toen is de passie geboren.”
Voordat hij zelf dieren kocht, heeft hij flink wat onderzoek gedaan: “Het eerste jaar na het halen van het diploma ben ik Nederland door gaan reizen om te kijken van 'hoe doet een ander het, wat zijn de pluspunten en wat doet een ander fout', zodat ik die fouten niet hoef te herhalen. En zo is het eigenlijk gestart.”
Onderhoud
Veel onderhoud hebben de dieren niet nodig: “Ze hebben natuurlijk gras nodig. En naast het gras hebben ze in de winter, als het gras niet voldoende groeit, hooi nodig en dagelijks een klein beetje brokken. Het is best wel warm, maar daar kunnen ze gewoon goed tegen. In Peru staan ze ook op de berg bij 30 graden buiten en dezelfde nacht is het daar -14 dus ze kunnen tegen extreme temperaturen.”
Toch vindt Meertens het moeilijk om de dieren alleen te laten: “Ik ben al twee jaar niet meer op vakantie geweest. Dat is wel jammer, maar goed, we moeten dat eens goed gaan plannen”, besluit hij.